10. mrt, 2015

Luctor et Emergo

Afgelopen weekend is het wielrenseizoen weer voorzichtig begonnen. Zondag was het weer filerijden, in de Limburgse heuvels. Alhoewel vroeg vertrokken, was ik duidelijk niet de enige die het stof van mijn fiets had afgeblazen. Nog 6 weken te gaan tot de Amstel Gold Race, dus hoog tijd to get started! Vele zielen, hadden echter 1 gedachte. Het was druk op de weg.

 

Ik dacht dat ik mezelf aardig had voorbereid met spinning en hardlopen, dus maakte me niet al teveel zorgen. Dit ritje zou ik wel even gaan rijden, inclusief de geplande heuvels.

 

Manlief zou me voor de eerste keer gaan vergezellen en we zouden er een gezellig uitje, for just the two of us, van maken. Hij heeft een fiets gekocht, de hele winter spinningles gevolgd en is sinds het begin van de winter 18kg afgevallen. Zijn fiets heeft hij uitgerust met iedere gadget die je maar kunt vinden en hij heeft zichzelf in een mooie outfit gestoken. Hij was er klaar voor! Vooraf bleef hij roepen, dat hij tijdens de rit vooral tegen mijn behind zou aankijken. Daar verheugde hij zich al dagen op (dank je schat, ik houd ook van jou!). En om heel eerlijk te zijn, dacht ik zelf ook dat het zo zou gaan.

 

How wrong could i be….. Met uitzondering van de eerste heuvel, waarbij hij in mijn achterwiel mee naar boven reed, was er maar 1 iemand die tegen een achterwerk aan zat te kijken, moi!

Luctor et emergo, ik worstel en kom boven. Letterlijk en figuurlijk. Wat een struggle…

 

Al sinds dat mijn schildklier verwijderd is, heb ik problemen met mijn suikerspiegel. 1 Van de vele vreemde kwaaltjes die ik erbij cadeau heb gekregen. Als ik niet heel regelmatig eet, dan krijg ik het gevoel in een hypo terecht te komen. Ik word slap, het koude zweet breekt me uit en ik krijg het gevoel onderuit te gaan. Ik sla dan ook nooit een maaltijd over en begin iedere dag met een stevig ontbijt.

 

Tijdens het wielrennen, heb ik hier nog veel meer problemen mee. Ik lijk op een rijdende vreetschuur, in ieder zakje van mijn pakje, zitten repen.  En mijn bidon is gevuld met sportdrank, maar om de haverklap is mijn ‘brandstof’ op en kom ik niet meer vooruit.

 

Geen idee hoe de relatie met een ontbrekende schildklier en je glucosehuishouding in elkaar zit, maar ik moet het er mee doen. (Wie trouwens wel weet hoe dat zit, enlighten me please!!!! Ik kan er helemaal niet tegen dat ik het mechanisme er achter niet begrijp. Inherent aan mijn vreemde behoefte om alles te willen begrijpen. Iedereen heeft zijn rariteiten, zullen we maar zeggen.)

 

Afijn, ik was blij neer te kunnen strijken op een terras ergens halverwege. Onder het excuus dat een pitstop er toch echt bij hoort. ‘Gaan we nu al zitten..?’ was de reactie. ‘Wacht maar schat, we zijn er nog niet’. Heb mezelf op het terras volgestopt met suikers, waarna ik weer verder worstelde. Pff, dit plaatje zag er in gedachten toch heel anders uit.

Manlief ging als de brandweer! Soepeltjes was hij heuvel nummer zoveel omhoog geklommen. Zijn tempo lag beduidend hoger dan het mijne. Ik worstelde verder en kwam uiteindelijk boven. Luctor et emergo. De strijd, 1 tussen lichaam en geest.

 

Voor de Amstel Gold Race, zal ik toch een plan klaar moeten hebben liggen, bedacht ik tijdens het fietsen. Anders worstel ik me suf, maar is er van bovenkomen helemaal geen sprake! Laat staan dat ik de finish haal. Terwijl ik het bedenk, zie ik de teleurgestelde blikken van mijn kinderen al voor me. Hun verwachtingen zijn hoog gespannen. Veel te hoog... Zo blijven ze volhouden dat mama de Tour de France gaat fietsen (i know….hoe komen ze erbij?). Hoe vaak ik het ook corrigeer, ik krijg het er niet uit.

 

Nog een paar weken te gaan en nog een aantal verwachtingen om bij te stellen. Te beginnen met die van mezelf. De weg naar succes, is langer dan die naar teleurstelling. Zucht. Nog vele kilometers te gaan geloof ik….