5. nov, 2014

De bunker

Het voordeel van schildklierweefsel is dat het jodium opneemt. Hierdoor kan schildklierkanker heel gericht behandeld worden. Het principe is heel simpel. Koppel jodium aan een zwaar radioactieve stof (J-131 isotoop) en zorg dat het opgenomen wordt, zodat de radioactieve stof al het schildklierweefsel kan vernietigen. Inclusief eventuele metastasen die dezelfde eigenschap hebben.

Easy does it! Voor artsen dan.

 

Na een voorbereiding van 6 weken waarin ik onthouden werd van alle schildkliermedicatie (dan staat je lichaam om jodium te springen) en een zoutloos dieet gevolgd had (aan zout is jodium toegevoegd), brak D-day aan. Mijn kids gingen 2 weken logeren, de verplichte tijd dat je in radioactieve toestand geen lichamelijk contact mag hebben. Het afscheid was heel verdrietig, het was de tijd van de Mexicaanse griep. En door het tekort, werd ik iedere nacht badend in het zweet wakker van angstdromen, waarin ik mijn kinderen verloor. Het was 1 van de grootste uitdagingen in mijn leven om ze op dat moment achter te laten. Hoe goed verzorgd ook. Het druiste volledig tegen mijn moederinstinct in. In tijden van stress neem je je kinderen dichtbij en laat je ze niet achter!

Afijn, rise and shine, tijd om te gaan stralen. Ik mocht me melden in de kelder van het ziekenhuis, op de afdeling nucleaire geneeskunde. Dichtbij het mortuarium. Hoopvol… Alles wat ik mee naar binnen zou nemen, mocht ik niet mee naar buiten nemen en zou vernietigd worden, inclusief kleding. Ik nam niet meer mee dan ik aanhad.

 

De deur van de bunker ging open en ik zag een kamer volledig beplakt met papier. De muren, de vloeren, alles. Geen internet, geen boeken, geen telefoon. Slechts bed, toilet en een tv. De deur ging dicht en werd vergrendeld. En ik begon mijn mentale strijd met mijn vijand en tevens mijn redder in nood, de j-131.

Ik was alleen en hoe! Volledig aan mijn lot overgelaten. Ik zag niemand, sprak niemand en had slechts een kan water tot mijn beschikking. Eenzame opsluiting, alleen met mezelf en mijn gedachten. Tijd bestond niet meer en de muren kwamen op me af. In welk vagevuur was ik in godsnaam terecht gekomen…?  Wat had ik misdaan om dit te verdienen..? Niemand om mee te praten, geen interactie, niemand die zich nog bewust leek te zijn van mijn bestaan. Helemaal alleen met al mijn angsten en onzekerheden.

De eenzaamheid was zo alles omvattend en de omgeving zo surrealistisch, dat ik ging twijfelen aan mijn eigen bestaan. ‘Besta ik nog?’, vroeg ik me af. Mijn mentale toestand getergd door de extreme tekorten aan schildklierhormoon. Ik dacht aan de uitspraak van Descartes, ooit in het eerste blok 'Bewustzijn' van mijn studie Psychologie behandeld: ‘Cogito ergo sum’, hield ik mezelf voor.  Ik denk, dus ik ben.

Na 24 uur schrok ik me rot van een stem door de intercom. Met de vraag of ik in de verste hoek t.o.v. de deur wilde gaan staan. Fijn, een ander mens! In beschermende kleding kwam er iemand binnen en werd er een geigerteller op me gericht. Het ding begon vreselijk te kraken. GGGRRRKKKKGGGGGGGG. ‘ Sorry, u bent nog veel te radio-actief’. En de deur ging weer dicht….

Ik voelde me nog minder dan een beest, ontdaan van alle menswaardigheid. ‘ Cogito ergo sum, ik denk dus ik ben’, bleef ik mezelf voorhouden.

 

Uiteindelijk mocht ik de bunker verlaten en linea recta een douche in. Waar ik 45 minuten onder moest gaan staan. Kleding werd verbrand. Ik wilde niets liever dan naar huis, wegwezen! Voordat iemand me weer opsloot. Maar kreeg eerst nog wat leefregels mee:

Minimaal 2 weken lang:

Niet: Niet in de buurt komen van zwangere vrouwen of kinderen. Niet langer dan een half uur in de buurt van iemand anders, bijv in de auto. In de huiskamer zo ver mogelijk bij elkaar vandaan. Geen gebruik maken van hetzelfde sanitair. Niet slapen in hetzelfde bed.

Wel: Voor huisdieren en mensen boven de 60 zijn er geen beperkingen. (Waarom niet, zijn die afgeschreven dan..? Of is de verwachting dat ze niet lang genoeg meer leven?)

‘En u mag wel gemeenschap hebben, mits het niet langer duurt dan een half uur’….Onthutst keek ik de beste man aan. In de eerste plaats omdat mijn libido tot ver beneden het vriespunt gedaald was. En in de tweede plaats vroeg ik me af of er iemand überhaupt bereidwillig een bezoek brengt aan Tsjernobyl? Yeah right. Ik straalde zo hard dat ik bijna licht gaf!

Dagenlang verstopte ik mezelf in huis. Want waar moet je naartoe als je radio-actief bent? Vliegen werd me afgeraden, al in de eerste plaats omdat ik alle alarmbellen van de detectiepoortjes zou laten afgaan. Maar ook het sardineblikjes principe was een no go. Boodschappen doen? Veel te bang dat ik in de rij zou staan met een zwangere vrouw. Bioscoop? Langer dan een half uur. Winkelen? Andere mensen. Het waren eenzame dagen.

 

Na een aantal dagen moest ik terug, voor de geigerteller en DE scan. De scan waarvan ik hoopte dat ik er niet in zou oplichten. Want dat zou betekenen dat er ergens een metastase zat. Zonder enige uitleg werd ik aan de tafel gefixeerd, in de scan geschoven. Waar vervolgens een plaat zo groot als een tafel, naar beneden kwam zakken. ‘Rustig blijven Maartje’, hield ik mezelf voor. Het principe controleverlies is al niet mijn favoriet. Maar de plaat kwam steeds dichterbij en ik kon geen kant uit! Het zweet brak me uit. 40cm, 30cm, 20cm…,10 cm…’Ik word verpletterd!!!!’ riep ik uit, maar het ding bleef zakken. In welke hel was ik nu weer terecht gekomen..??! ‘Wat overkomt me, is dit echt??? Dit kan niet waar zijn. 'U moet wel stil blijven liggen mw!’, klonk door de intercom. Makkelijk praten, doe mijn best hier, wat een ellende. 9cm, 8cm, 7cm..

‘Ik ga dood, dit was het dan..’, 6cm, 5cm….STOP. De scan begon. Tranen stroomden inmiddels over mijn wangen.

‘Cogito ergo sum, ik denk dus ik ben’, dacht ik weer.